Home
Achtergrond
Eigenschappen
Techniek
Aandrijving
Electronische regeling
De start
Bediening
Foto's
Dyneema
Links
FAQ
Contact
 
English
  

 

 

 

 

 

 

 

 

De start

De kabel wordt gelijkmatig met een rustige snelheid strakgetrokken. De automatische regeling voorkomt abrupte bewegingen of een te hoge snelheid. Wanneer de lierman de acceleratie initieerd wordt vanuit het straktrekken zonder onderbreking geaccelereerd.

De acceleratie is zeer gelijkmatig en krachtig, onafhankelijk van het type vliegtuig. Een Ka8 accelereert net zo snel als een DuoDiscus met waterballast.

Na de acceleratie wordt de klimstand aangenomen. De automatische regeling reduceert de kracht om te hoge snelheden of een te steile klimstand te voorkomen. De piloot regelt zelf de klimhoek.

Nadat de veiligheidshoogte van 50 meter bereikt is verhoogt de automatische regeling de kracht voor een maximale hoogtewinst. De optimale kracht wordt automatisch op het vliegtuig afgestemd. De piloot kan op een natuurlijke manier de vliegsnelheid regelen door harder of zachter aan de knuppel te trekken.

Als tijdens de lierstart een thermiekbel aangevlogen wordt, dan neemt de vliegsnelheid net als bij de vrije vlucht iets toe. Door iets harder aan de stuurknuppel te trekken kan de piloot de snelheid terugregelen waardoor extra hoogte gewonnen wordt. De krachtregeling voorkomt hierbij dat de kabelkracht de ingestelde breukstukwaarde overschrijdt.

De lierman heeft ten aller tijde de volledige controle over de besturing. In buitengewone situaties kan hij het proces op een intuïtieve wijze met de gashandel bijsturen of indien nodig de start afbreken.